2.27. Verdwenen

Kort daarna kreeg ik een nieuwe slag: het nieuws dat Amparo was verdwenen. De bakkerij was gesloten en toen na twee dagen de buren ongerust werden, haalden ze de notaris erbij. Die had een sleutel. Binnen was alles opgeruimd. De oven was koud. Teilen, kommen en deegrollen waren afgewassen en stonden op de schappen. Er was geen brood, geen bloem, geen enkel ingrediënt aanwezig. Het was duidelijk dat ze het huis had opgeruimd met het oog op een lange afwezigheid. Met haar was ook Vincent verdwenen. Er werd geroddeld en gespeculeerd. Maar ik wist hoe het met Amparo en Vincent zat. Ze waren maatjes. Meer niet. Van Amparo wist ik dat zeker. Ik kende haar bijna zo goed als mezelf.

Dat Amparo was verdwenen kwam even hard aan als wat mij overkomen was. Het was erger nog, omdat het datgene wat gebeurd was verergerde. Amparo was weggegaan omwille van mij. Ik wist het zeker. Omdat ze het niet langer kon aanzien. Omdat ze niet verdroeg dat ik bij Michel bleef en zelfs voor hem opkwam.

Het maakte mij wanhopig, verdrietig, woedend. Ik verviel niet opnieuw in die gevoelloze staat zoals in de weken na mijn val. Ik liep razend rond, sloeg op de tafel en deed alles met geweld. Ik vloekte tegen het fornuis, sloeg met de pannen, kneedde op een ruwe manier deeg zoals ik dat Amparo soms had zien doen. Ik ging naar buiten en sprokkelde hout omdat het breken van takken mij verlichting bracht. Michel liet mij mijn gang gaan. Hij bleef in de buurt, maar hij hield zich afzijdig.

Toen ik na een paar dagen uitgeraasd was, spraken we met elkaar. We spraken over haar. Het was lang geleden dat we zoveel woorden met elkaar gewisseld hadden en na dat gesprek zou het weer lang duren eer Amparo’s naam opnieuw zou vallen.

We vroegen ons af waar ze naartoe zou kunnen zijn gegaan. We hadden het niet over de reden van haar vertrek. Ik wist het en ik dacht dat Michel het ook wel wist. We dachten dat ze misschien naar Spanje was gereisd, naar haar broer Javi. Maar ik wist dat ze boos was op haar broers. Op Luìs omdat hij nooit meer naar huis was gekomen, en omdat hij bovendien Javi had verlaten, hij had hem nooit meer geschreven of opgezocht. Van hem had ze zich afgevraagd of hij wel wist dat zijn ouders gestorven waren en dat hij samen met Javi de bakkerij had geërfd. En op Javi die dat allemaal wel wist, maar nooit meer naar het ouderlijk huis was gekomen.

Maar we konden geen andere bestemming bedenken. En toen vroegen we ons af op welke manier ze zou gereisd hebben. Zou ze te voet over het grensgebergte zijn getrokken? Het was die nacht dat ze weggegaan was net beginnen sneeuwen.  In het dorp bleef de sneeuw meestal niet liggen, maar in de bergen kon de sneeuwlaag tot een meter dik zijn. Of zou ze per kar of per koets gereisd hebben? Waar zou ze dan hebben overnacht? En was Vincent echt met haar mee? Waren ze met zijn tweeën sterk genoeg om zich te verdedigen tegen rovers of wilde dieren? Ik huilde van ongerustheid en ik zag dat Michel net zo ongerust was als ik.

 

 

20170126_155322

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s